Wanneer:
21 mei 2019 @ 09:30 – 13:00
2019-05-21T09:30:00+02:00
2019-05-21T13:00:00+02:00
Waar:
Amersfoort
Kosten:
Gratis
Contact:
Stichting PubliekPrivaat
033-4546669

Overweegt u mee te doen aan het overleg en wilt u ter informatie de volledige stukken voor het overleg ontvangen, stuur dan een mail aan secretariaat@stichtingpubliekprivaat.nl onder vermelding van het onderwerp van het overleg

  

Voor gemeentelijke functionarissen
Met medewerking van bouwadviesbedrijven in het maatschappelijk vastgoed

Programma

  1. Ontvangst met koffie / thee 
  1. Opening door de dagvoorzitter

De bijeenkomst is uitsluitend gebaseerd op specifieke aansprekende praktijkvoorbeelden van de initiatiefnemers en deelnemers.
De deelnemers kunnen bij opening van de bijeenkomst melden welke vraag- en probleempunten zij aan de orde willen stellen, onder meer uit de inventarisatielijst zoals genoemd onder programmapunt 4.
Tijdens de bijeenkomst zullen deze problemen grondig worden behandeld, middels praktische intervisie met elkaar en met aanwezige vakdeskundigen uit de bouwadviesbranche. Doelstelling: verkrijging van handvatten voor het maken van keuzes. Men geeft elkaar tips voor kwaliteitsverbetering, risicoreductie en zelfs kostenreductie. Gebleken is dat gemeenten en andere partijen in het maatschappelijk en gemeentelijk vastgoed daar erg veel baat bij kunnen hebben.

 

  1. Tot bij aanvang van de bijeenkomst kunnen nog vraag- en probleempunten worden ingebracht m.b.t. de volgende relevante thema’s in het maatschappelijk vastgoed:
  • Duurzaamheid gebouwen (BREEAM);
  • Monumenten;
  • Duurzaam beheer en onderhoud, meerjaren-onderhoud (MJOP – costs of ownership);
  • Brand- en constructieve veiligheid;
  • Toepassing bouwbesluit en (Nederlandse en Europese) uitvoeringsnormen;
  • Aanbesteding (EMVI) en contractvorming – duurzaam inkopen;
  • Energieprestaties, geluid-isolatie, klimaat en akoestiek;
  • Omgevingsrecht;
  • Privatisering van de bouwplantoets;
  • Leegstand, herbestemming en renovatie;
  • Multifunctionele Accomodaties (MFA);
  • BRIS (Bouwregelgeving Informatie Systemen);
  • Regelgeving onderwijshuisvesting;
  • Uitbesteden van vastgoedtaken;
  • Overheveling budgetten buitenonderhoud scholen;
  • Zorgvastgoed en voorzieningen;
  • Van kosten- naar waardesturing.

 

  1. Door gemeenten en bedrijven zijn vooraf de volgende concrete vraag- en aandachtspunten ingediend:
  • Door digitale oplossingen lijkt het allemaal sneller te kunnen maar de praktijk logenstraft dit. In de praktijk kost het bijvoorbeeld 2 weken om een e-herkenning / login te verkrijgen voordat je een formulier mag / kan indienen bij een Omgevingsloket
  • Ondanks het gegeven dat de wetgeving rond hergebruik en naders bestemmen van leegstaand vastgoed sinds november 2014 is verruimd, blijkt het nog steeds lastig om een goede herbestemming te realiseren. Ontwikkelaars, toekomstige gebruikers, eigenaren en vergunningverleners zullen samen oplossingen moeten blijven bedenken.
  • Het zou fijn zijn om vooraf met gemeenten te kunnen brainstormen over nieuwe invulling van leegstaand of binnenkort leegstaand onroerend goed en op die manier met open vizier samen met elkaar zaken op te pakken met een grote kans op succes en een open BIM-model
  • Slopen wordt te snel gekozen als optie bij incourante panden terwijl het budget van de sloopkosten beter gebruikt kan worden om herinvulling van de panden te realiseren door marktpartijen
  • Gemeenten zouden kunnen overwegen om op een meer transparante wijze (niet middels aanbesteding) het onderhoud en beheer van gemeentelijke gebouwen voor langere tijd uit te besteden (mogelijk middels resultaatverplichting). Denk hierbij ook aan energetische aspecten
  • Op welke wijze worden leegstaande maatschappelijke panden gewaardeerd? Op basis van huidige bestemming of op basis van toekomstige waarde met mogelijke bestemmingswijziging?
  • Door de adviseur/constructeur eerder te betrekken bij plannen kan er mogelijk sneller en zonder al te veel aanpassingen tot het gewenste resultaat worden gekomen. Men kan eerder alternatieven aandragen en er is eerder terugkoppeling naar de eisen van het Bouwbesluit
  • Gemeenten moeten zich beraden op de komende privatisering van de bouwplantoets en de kwaliteitsborging daarvan. Er bestaat altijd het gevaar van de “slager die zijn eigen vlees keurt”.
  • Er wordt te weinig aandacht besteed aan wateraccumulatie op platte daken en de daaraan verbonden hoge risico’s
  • Is het faciliteren van maatschappelijk vastgoed een taak van de overheid? Sommige gemeenten hebben het uit elkaar getrokken; de financiering (subsidie) en het gebruik. Basisvoorwaarde is helder gemeentelijk beleid waarna de markt kan worden geconsulteerd en ingeschakeld.
  • We werken met rondetafelgesprekken vastgoed waarbij de afdelingen Vastgoed, Ruimte, Beheer, Beleid, Dorpen en Wijken e.d. aanwezig zijn. Zo wordt vanuit elke invalshoek optimaal gecoordineerd en dat levert tijdwinst, geldbesparing en betere kwaliteit op
  • Op basis waarvan vervang je houten kozijnen? De MJOP houdt 40 jaar aan voor het vervangen, maar kozijnen gaan minder lang of juist langer mee. Een NEN 2767 conditiemeting is een oplossing. De schilder staat alleen garant voor het eigen werk en niet voor eerdere herstellingen. Is het handig om herstellingen blijvend te inventariseren ten behoeve van besluitvorming?
  • Let bij verbouwing van bestaande panden ook op de handhaving van stabiliteitselementen en betrek hier dus op tijd een constructeur bij.
  • Het traditionele bestek en de traditionele aanbesteding leiden niet tot een optimaal gebouw en veroorzaken hoge bouwkosten en faalkosten. Nieuwe samenwerkingsvormen zijn productiever maar vragen wel om vertrouwen in elkaar. Met deze werkwijze worden akoestiek, brandveiligheid, binnenmilieu en duurzaamheid beter in het gebouw geïntegreerd.
  • Innovatieve aanbestedingen. Consortium vóór opdrachtverlening? DBFM als nieuwe trend
  • Gemeenten budgetteren niet langjarig.
  • Hoe om te gaan met EMVI (Economisch Meest Voordelige Inschrijving). Door een willekeur aan aandachtspunten van de diverse gemeenten weten velen niet meer waar de focus ligt. Welke criteria zijn nu echt belangrijk als het gaat om verantwoord en duurzaam inkopen?
  • Is het zinvol om aanvullende voorwaarden te stellen (bovenop de UAV) ?
  • Bij offertes wordt uitsluitend gelet op realisatiekosten en te weinig op exploitatiekosten. Hierdoor is het ontwikkelen van duurzame energiegebouwen vrijwel onmogelijk.
  • Inkoop en onderhoud binnen gemeente zouden vaker met elkaar moeten overleggen.
  • Is er tijdens of na een aanbesteding geen bouwteam meer mogelijk?
  • Goed opdrachtgeverschap houdt onder meer in: kennis van zaken, zo min mogelijk schotten, bouwteams (in renovatie).
  • Inventarisatie van nieuwe methoden van kostenbeheersing en kwaliteitsbewaking tijdens de voorbereiding en de uitvoering van bouwprojecten.
  • Contractduur voor 5 jaar verdient niet de voorkeur.
  • Echte innovatieve duurzaamheid moet je binnen een vertrouwensrelatie organiseren.
  • Hoe beoordeel ik stabiliteit van gebouwen.
  • Hoe controleer ik berekeningen gemaakt met software waarvan de uitvoer nauwelijks inzichtelijk is (vertrouwt men te veel op de software?)
  • Waar moet ik op letten bij vloer-wapeningscontrole op de bouw, leidingen, etc.
  • Welke nieuwe duurzaamheidsconcepten zijn er (relatie met subsidies MIA, Vamil, EIA & MPG).
  • Private kwaliteitsborging wordt een alternatief voor de gemeentelijke bouwplantoetsing aan het bouwbesluit en het toezicht op de uitvoering. Wat betekent dit voor de dagelijkse praktijk in de ogen van gemeentelijke functionarissen?
  • Herbestemming in het kader van bouwregelgeving, met name de onderdelen veiligheid en gezondheid. Hoe gaan gemeenten om met de interpretatie van de regelgeving en hoe wordt het rechtens verkregen niveau vastgesteld?
  • Milieurichtlijnen/convenanten, duurzame ontwikkelingen stimuleren met behulp van GPR en/of BREEAM. Graag een toelichting op de instrumenten.
  • Bodemonderzoek, bepalen van de nulsituatie in de voorbereidingsfase van projecten.
  • Milieuprestaties van bouwmaterialen is een ondergeschoven kindje.
  • Herbestemmen van leegstaande gebouwen – wat houdt ons tegen?
  • Het bouwbesluit wordt onterecht als belemmerend ervaren. Lang niet alle mogelijkheden uit het bouwbesluit worden benut. Het Bouwbesluit schrijft slechts voor dat het gebouw energiezuinig, (brand)veilig, gezond en bruikbaar moet zijn.
  • Doelmatiger onderhoud gebouwde omgeving. Denk hierbij ook aan probleemwijken, slapende Verenigingen van Eigenaren, oude industrieterreinen, waarbij de gemeente soms voortrekkersrol op zich neemt.
  • Verder beperken van energieverbruik gebouwde omgeving (duurzaam ontwerpen en beheren)
  • Samenwerking en integratie in de bouw d.m.v. BIM (Building Information Model) is zeer interessant voor overheden: interactief gebouwmodel is snel te checken i.v.m. vereisten omgevingsvergunning. Maar denk ook aan beheer eigen gebouwvoorraad.
  • Hoe wordt de omgevingsvergunning in de praktijk ervaren? Wat kan er simpeler en doelmatiger?
  • Kunnen we plantoetsing meer doen op basis van constructief inzicht en minder op controle van computerprogramma’s?
  • Bij aardgas-gestookte cv-ruimten is een plofluik alleen vaak onvoldoende.
  • Digitaal archief bouwtekeningen laten beheren door vakdeskundig bureau levert besparing van menskracht, ruimte en energie op.
  • Voldoen aan zorgplicht voor objecten door risicogestuurde inspecties.
  • Integrale aanpak van het ontwerpen, beoordelen en uitvragen van een bouwwerk.
  • Hoe kunnen we energie meer integraal aanpakken?
  • Hoe optimaliseren we de gebouwenvoorraad in een krimpregio?
  • Wat zijn de resultaten van de stichting “Achterhoek Duurzaam Verbouwen”?
  • Riolen – instortingsgevaar in oudere gemeenten.
  • Welke stimuleringsregelingen zijn er voor het BREEAM-keurmerk voor duurzame gebouwen.
  • Wat zijn de ervaringen met verzelfstandiging van vastgoedorganisaties, regionale samenwerking en burgerparticipatie?
  • Eerder inschakelen van constructeur voorkomt technische en financiële problemen tijdens bouw
  • Constructieve veiligheid en functionaliteit bij platte daken (problemen met water op platte daken), gevels, galerijvloeren en instortende balkons.
  • Er moet maatschappelijk vastgoed worden afgestoten – er is een overschot.
  • EPC – geen controle achteraf. Handhaving van EPC-berekeningen gebeurt niet. Gaat de invoering van verplichte EPC van 2015 naar 2020?
  • Wanneer zijn MER-rapportages zinloos en overbodig?

 

  1. Slotronde en afsluiting

Iedereen krijgt de kans tot een laatste woord, een slotconclusie en het doen van een persoonlijke aanbeveling. Ook hiervan wordt verslag opgemaakt. 

Binnen 2 weken wordt een compleet verslag aan alle aanwezige deelnemers toegezonden, vergezeld van een deelnemerslijst en concreet toepasbare aanbevelingen.

 

Deel dit bericht: